Konijn

Naamgeving
Konijn (Oryctolagus cuniculus)

Uiterlijk
Kop-romp 35-45 cm
Gewicht 1,2-2,5 kg

Biotoop
Konijnen hebben een voorkeur voor droge, zandige gebieden en halfopen landschappen. Ze komen nauwelijks voor in open grasland en mijden vochtige terreinen of zware klei, waarin ze geen holen kunnen graven.

Leefwijze en gedrag
Konijnen zijn overwegend in de schermer en nacht actief. Een hol of burcht wordt door één familie van maximaal tien leden bewoond. Binnen deze familie bestaat een onderlinge rangorde. Meestal is er een dominant paar met enkele ondergeschikte rammelaars en moertjes. Dit zijn meestal de nakomelingen van dat paar.

Voortplanting
Paartijd: januari tot augustus
Draagtijd: 28-30 dagen
Aantal worpen: 2-3 nesten
Worpgrootte: 1-9 lampreien

Voedsel
Het voedsel van konijnen bestaat uit allerlei grassen, kruiden, loten van jonge struiken en boompjes en bast. Ruwbladige en zure plantensoorten, en hoog gras worden gemeden.

Jacht en bejaging
Jacht op het konijn is toegestaan van 15 augustus tot en met 31 januari. Bejaging ter voorkoming van schade is het hele jaar door mogelijk.

Voorkomen
Het konijn komt in heel Nederland algemeen voor maar kent grote fluctuaties door Myxomatose en VHS. Voor sommige gebieden is dat dramatisch geweest. Niet alleen is daar het konijn als voedselbron verdwenen uit de voedselketen, maar ook begraasde zeldzame duinvegetatie is hierdoor overgroeid geraakt met struweel. De aantallen konijnen lijken de afgelopen tien jaar in Nederland weer toe te nemen. Zowel de afschotstatistiek wijst daarop als de cijfers van het CBS.

De afschotstatistiek geeft een landelijk beeld. Lokaal kunnen aantallen sterk verschillen. In sommige jachtvelden zijn ze helemaal verdwenen en wordt door de decimering van de stand het konijn in veel jachtvelden niet meer bejaagd. In andere jachtvelden kunnen aantallen sterk toenemen en vindt schadebestrijding plaats.

 

 

Menu
%d bloggers liken dit: